Aandacht voor 
het behoud van uw
commerciële relatie 
met uw klanten 

Expertise 
en transparantie

Bevoorrechte partner
van ondernemers

Jong en 
dynamisch team

Wij gaan voor 
een totaalaanpak

Steeds online 
toegang tot uw dossiers

Unieke en voordelige 
abonnementsformules

Invorderingexperts

Geen financiële 
verrassingen

Afschaffing van de bijzondere aanslag van 5 % in de vennootschapsbelasting

13 mei 2019

Afschaffing van de bijzondere aanslag van 5 % in de vennootschapsbelasting

Sinds 1 januari 2018 zouden vennootschappen die niet aan minstens één van hun bedrijfsleiders een minimumbezoldiging van 45.000 euro toekennen, worden onderworpen aan een bijzondere aanslag van 5%. Op 4 april 2019 werd deze maatregel door de Kamer afgeschaft.

Bij de hervorming van de vennootschapsbelasting in 2017 werd het gunsttarief voor KMO’s verlaagd naar 20% op de eerste schijf van 100.000 euro aan belastbaar inkomen. 

Eén van de voorwaarden hiervoor is dat in het belastbaar tijdperk aan één bedrijfsleider een bezoldiging van minimum 45.000 euro wordt toegekend.

Daarnaast werd nog een bijzondere aanslag van 5% ingevoerd voor elke vennootschap die in het belastbaar tijdperk niet aan één bedrijfsleider een bezoldiging van minimum 45.000 euro toekent. 

De bijzondere aanslag is zowel op KMO’s als op grote vennootschappen van toepassing. 

Deze maatregel werd ingevoerd omdat de vrees bestond dat zelfstandigen hun activiteiten massaal zouden onderbrengen in vennootschappen om minder belastingen te betalen.

Critici van deze maatregel wezen er terecht op dat de hervorming van de vennootschapsbelasting een dubbele sanctie had ingevoerd voor de KMO’s. 

Een KMO die geen 45.000 euro toekent aan haar zaakvoerder kan immers niet genieten van het verlaagd tarief in de vennootschapsbelasting van 20%, maar daarbovenop zou zij nogmaals worden beboet door de invoering van de afzonderlijke aanslag van 5%.

De regeling rond deze minimumbezoldiging is overigens erg complex, wat de uitvoerbaarheid ervan allerminst ten goede komt.

Op 4 april 2019 besliste het Parlement om de afzonderlijke aanslag af te schaffen (met retroactief effect vanaf haar invoering).

De vereiste van een minimale bezoldiging van 45.000 euro blijft onverminderd van kracht om het verlaagd tarief in de vennootschapsbelasting te kunnen genieten. 

Megi RrokuDELBOO

terug naar overzicht