Aandacht voor 
het behoud van uw
commerciële relatie 
met uw klanten 

Expertise 
en transparantie

Bevoorrechte partner
van ondernemers

Jong en 
dynamisch team

Wij gaan voor 
een totaalaanpak

Steeds online 
toegang tot uw dossiers

Unieke en voordelige 
abonnementsformules

Invorderingexperts

Geen financiële 
verrassingen

Bescherming KMO’s op vlak van betalingstermijnen

20 mei 2019

Bescherming KMO’s op vlak van betalingstermijnen

Bescherming KMO’s op vlak van betalingstermijnen

Op 10 april 2019 heeft het Parlement een wetsvoorstel aangenomen tot wijziging van de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties.

Dit wetsvoorstel strekt ertoe om, naar recent Nederlands voorbeeld, de uiterste betaaltermijn van grote ondernemingen aan kmo’s te beperken tot maximaal zestig dagen, en de controle- en verificatietermijn tot maximaal dertig dagen. 

Dit moet een einde stellen aan enkele misbruiken, wat de liquiditeitspositie van de ruggengraat van onze economie moet verbeteren.

Kmo’s vormen het hart van ons economisch weefsel. Heel vaak zijn het toonaangevende spelers in hun branche. Ze worden gedwongen innovatief te zijn en zo meerwaarde te creëren, niet alleen voor zichzelf, maar voor iedereen.

Een voorwaarde voor deze gang van zaken is evenwel een vlot betalingsverkeer. Is dit er niet, dan heeft dat een rechtstreekse impact op het investeringsbeleid van de onderneming.

Om dit betalingsverkeer vlot te houden, is de overheid regelgevend opgetreden. 

Zo heeft de Europese wetgever in het kader van de ‘Small business act for Europe’ in 2011 een richtlijn uitgevaardigd die de betalingstermijnen binnen de EU moest harmoniseren en aanscherpen. 

De conventionele betalingstermijn tussen ondernemingen is in de hele Unie op zestig dagen geplafonneerd.

Deze richtlijn werd bij wet van 22 december 2013 naar Belgisch recht omgezet en is terug te vinden in de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand in handelstransacties.

De realiteit wijst echter uit dat hier het schoentje knelt. Twee derde van de ondernemingen in dit land geven te kennen betalingstermijnen te aanvaarden die langer zijn dan wat zij comfortabel achten. 

Vooral multinationals blijken hierop aan te dringen. 69 % van de bedrijven geven aan deze langere termijnen ook te aanvaarden.

De dominante positie van die grote ondernemingen dwingt veel kleinere leveranciers een eenzijdige aanpassing van de betalingstermijn te aanvaarden. 

De Belgische wetgever was van oordeel dat een wijziging van de wet zich opdrong. 

Specifieke wijzigingen

Het begrip “onderneming”, dat nu reeds afgebakend is in de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties, wordt hier hernomen. 

Net zoals in Nederland wordt er echter een onderscheid gemaakt tussen grote ondernemingen en kmo’s. 

Een kmo werd er in artikel 2 afgebakend aan de hand van de criteria, opgenomen in artikel 15, § 1 van het Wetboek van vennootschappen. 

Dat wil zeggen dat het moet gaan om een onderneming “die niet meer dan één van de volgende criteria overschrijden:

Deze criteria moeten beoordeeld worden op het moment van het sluiten van de overeenkomst.

Ook zelfstandigen-natuurlijke personen vallen onder bovenstaande definitie.

Met het invoegen van de definitie van “kmo” wordt het onmogelijk om ten aanzien van deze ondernemingen nog langer gebruik te maken van de bestaande wettelijke achterpoortjes. 

Wie als niet-kmo contracteert met een kmo, moet (a) de wettelijke betalingstermijn van dertig kalenderdagennakomen, of (b) de conventionele betalingstermijn van maximaal zestig kalenderdagen respecteren.  

Deze wet treedt in werking zes maanden na bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.

terug naar overzicht