Aandacht voor 
het behoud van uw
commerciële relatie 
met uw klanten 

Expertise 
en transparantie

Bevoorrechte partner
van ondernemers

Jong en 
dynamisch team

Wij gaan voor 
een totaalaanpak

Steeds online 
toegang tot uw dossiers

Unieke en voordelige 
abonnementsformules

Invorderingexperts

Geen financiële 
verrassingen

10 november 2017

Dagvaarden is geen rechtsmisbruik

Om de invordering van onbetwiste schulden vlotter en goedkoper af te handelen, werd door de wetgever de IOS-procedure ingevoerd. De wet van 19 oktober 2015, de zogenaamde Potpouri I, voegde de artikelen 1394/20 tot 1394/27 in het Gerechtelijk wetboek in. Deze artikelen traden in werken op 1 juli 2016.

 Principe

Het principe is eenvoudig. Wanneer tussen handelaars geen betwisting bestaat over een schuld, moet de zaak niet meer ingeleid worden bij een rechtbank om een uitvoerbare titel te verkrijgen. Het volstaat dat de advocaten bevestigen dat er geen betwisting over de schuld bestaat. De zaak wordt dan eenvoudigweg afgehandeld door een gerechtsdeurwaarder.

 Voorwaarden

  1. De in te vorderen schulden komen voort uit een contractuele verbintenis die een geldsom als voorwerp heeft.
  2. Er bestaat geen betwisting tussen partijen over de schulden.
  3. Partijen zijn handelaars. D.w.z. zowel de schuldeiser als de schuldenaar zijn ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen.
  4. De schulden houden rechtstreeks verband met de professionele activiteiten van de schuldeiser.
  5. De betrokken schuldenaar werd niet failliet verklaard, noch maakt hij het voorwerp uit van een gerechtelijke reorganisatie.
  6. De schuldenaar waartegen wordt gevorder is geen overheid.

 

De IOS-procedure heeft enerzijds als doel om het gerechtelijk apparaat te ontlasten. Onbetwiste schuldvorderingen maken een groot deel uit van de werklast van de rechtbanken, en de meerwaarde om dergelijk geschil door een magistraat te laten beslechten is verwaarloosbaar. Anderzijds heeft de procedure als voordeel dat de kosten om een deurwaarder in te schakelen lager liggen dan de gedingkosten wanneer de zaak aanhangig wordt gemaakt bij een rechtbank.

Deze voordelen zorgden er in de praktijk voor dat een significant deel van de magistratuur van oordeel was dat de IOS-procedure, indien aan bovenstaande voorwaarden werd voldaan, verplicht was boven een gerechtelijke invordering. Het ging zelfs zo ver dat de gerechtskosten ten laste werden gelegd van de invorderende schuldeiser, omdat deze ‘de schuldenaar belast met extra kosten, die enkel door de beslissing om te dagvaarden werden veroorzaakt’. In andere gevallen was er sprake van ‘tergend en roekeloos geding’.

Nochtans had de wetgever weldegelijk de bedoeling om de IOS-procedure facultatief te maken. Daarom werd in de wet van 25 december 2016, de zogenaamde Potpouri IV, gepreciseerd dat zogenaamde ‘nutteloze kosten’ aan de in het gelijk gestelde partij ten laste kunnen worden gelegd op voorwaarde dat deze ‘foutief’ handelde. Als een schuldeiser bijvoorbeeld een grotere schadevergoeding kan bekomen via gerechtelijke weg, dan kan er geen sprake zijn van foutief handelen. Zo is het denkbaar dat een schuldeiser toch verkiest om te dagvaarden, omdat hij via een rechtbank een groter schadebeding of verhoogde moratoire interesten kan vorderen, terwijl deze in de IOS-procedure mandatoir geplaffoneerd zijn tot 10% van de hoofdsom.

 

In een recent arrest (d.d. 12 oktober 2017) bevestigde het Hof van Cassatie nogmaals deze principes door te oordelen dat “de keuze van een gewone gerechtelijke procedure in plaats van voor de procedure van invordering van onbetwiste geldschulden op zich geen fout uitmaakt, noch blijk geeft van procesrechsmisbruik”.

 Zo lijkt het euvel definitief te zijn beslecht, en blijft de keuze om toch te dagvaarden, in plaats van de IOS-procedure, gehandhaafd. Advocaten kunnen opnieuw dagvaarden!

terug naar overzicht